Geeft eenzaamheid een andere smoel

Portretten

#NoShame

Piet: ‘Als die deur dichtgaat, is er niemand’

Piet Broenland (46) heeft het netjes voor elkaar. Een appartement in Amsterdam, een leuke baan in de zorg en een eigen counselingpraktijk. Een doorsnee Amsterdams bestaan, zo lijkt het. Maar in gesprek met Piet blijkt al snel dat zijn levensverhaal allesbehalve gewoon is. Piet gebruikte vanaf zijn puberteit drugs, zwierf rond en zat bijna tien jaar van zijn leven vast.

‘Waar ik nu woon is mijn tweede ‘echte’ huis. Ik kreeg de woning tien jaar geleden toegewezen via het safehouse waar ik zat. En zo had ik na een hele lange en heftige geschiedenis van gebruik en detentie opeens een eigen huis.’

Buitenspel

Piet kent het gevoel van eenzaamheid maar al te goed. Alhoewel hij zich tegenwoordig niet meer eenzaam voelt, zijn er veel momenten geweest waarop dit wel het geval was. In zijn basisschooltijd bijvoorbeeld. ‘Ik groeide op in een samengesteld gezin. Mijn biologische vader verliet mij en mijn moeder toen ik twee was. De verbinding met mijn moeder en stiefvader en twee oudere zussen (stiefzus en halfzus) kwam niet echt tot stand. Ik was zo’n ander kind dan mijn zussen. Ik had totaal andere behoeften en vragen. Ze bleven onbeantwoord. Ik werd nergens bij betrokken en stond voor mijn gevoel buitenspel. Mijn identiteit werd niet gezien; niet door mezelf en niet door de anderen. Ik voelde me de hele basisschooltijd een buitenstaander, een einzelgänger, eenzaam.

Ik was in mijn basisschooltijd veel bij mijn oma. Mijn ouders werkten alle twee fulltime en kwamen mij dan aan het einde van de dag ophalen. Meestal lag ik een uur later op bed. Ja, hoeveel contact heb je dan? Oma was een dame op leeftijd en kon niet duidelijk grenzen stellen. Ze viel nog weleens in slaap; dan had ik het rijk voor mij alleen. Dat betekende de snoepkast plunderen, maar ook gekkigheid zoals bij de buren dingen in de brievenbus gooien. Ik was op zoek naar bevestiging van mijn gevoel en deed alles om maar gezien en gehoord te worden. Maar in plaats van vragen waarom ik me zo gedroeg, kreeg ik er alleen maar sancties voor terug.’

Het rijk alleen

Kleine jongens worden groot. Piet woont in zijn middelbareschooltijd inmiddels niet meer bij oma. ‘Op de middelbare zat ik opeens op een grote school met 1500 leerlingen. Dat kostte me de grootst mogelijke moeite. In de tweede – ik was 13 – ontdekte ik het blowen. Ik stal geld om te blowen en zat al snel meer in de coffeeshop dan op school. Mijn ouders werkten toen nog steeds allebei fulltime. Ik was veel alleen thuis in de eerste drie jaar van de middelbare school. Als ze er ’s avonds wel waren zei ik dat ik huiswerk ging maken. In werkelijkheid rookte ik dan een jointje op zolder.’

De puberteit stroomde totaal niet lekker voor Piet. Hij mist de ontwikkeling op lichamelijk, geestelijke en spiritueel vlak. ‘Daar had ik last van. Ik ging rond mijn 15e, 16e van de middelbare school af en naar het Grafisch Lyceum in Utrecht. Grote stad: veel coffeeshops. Daarna gebeurde er heel veel in een half jaar. Contact met de politie, dronken opgepakt worden, autoradiootjes stelen. Ik raakte de grip op mijn jonge leven steeds meer kwijt.’

De stad van Sodom en Gomorra

Zijn moeder trekt het gedrag van Piet niet meer. Na een mislukte poging om hem ‘bij zijn biologische vader te laten wonen’ belandt Piet via een contact van zijn oma op zijn 16e in Amsterdam Bijlmer. Na een paar maanden breekt daar de pleuris uit. Piet gebruikt nu ook speed en xtc en bezoekt hardcorefeesten. Uiteindelijk komen daar cocaïne en crack bij. ‘En zo belandde ik op mijn 17e voor 2.5 jaar in de gevangenis. Ik weet nog goed dat mijn moeder daar op bezoek kwam en zei: ‘Jij zit nu hier, zorg ervoor dat je hier niet terugkomt want ik kom hier niet meer op bezoek. Dat voelde als een klap in mijn gezicht. Weer een afwijzing.’

Het gaat na zijn eerste detentie bergafwaarts met Piet. ‘Ik verloor mezelf in het drugsgebruik. Bijna 17 jaar lang rookte ik crack. Ik was wekenlang op straat, en dan weer in de opvang en gebruikershuizen. De verslaving isoleerde mij enorm. Door het gebruik zakte ik ook steeds verder weg in mijn eenzaamheid. Gebruiken was voor mij belangrijk om niet te hoeven voelen. Ik was altijd op zoek naar een beetje geld voor een beetje drugs om me een beetje beter te voelen. Soms voelde het zelfs als een verademing als ik gearresteerd werd. Dan kreeg ik een pakje shag, koffie, aandacht en vooral rust. Het continu jagen op middelen en geld is namelijk slopend.’

In de bajes

‘Ik kreeg op een gegeven moment een ISD-maatregel (een maatregel voor ‘draaideurcriminelen’) en zat uiteindelijk bijna 10 jaar van mijn leven in de gevangenis. Al die keren dat ik vastzat ging die deur weer op slot. Als die deur dichtgaat, is er niemand. In gevangenis was ik nuchter en emoties kwamen veel heftiger binnen. Je bent er in je eentje met je eigen gedachten en gevoelens, je eigen oordeel, je eigen drama. Je zit er letterlijk opgesloten mee. Ik had niks alleen de kleren aan mijn lijf en vond mezelf een totale mislukking. Had ik geen ruggengraat? Was ik niet mans genoeg? Telkens weer kwamen de fantasieën en dromen over hoe ik het deze keer écht anders ging doen, maar als ik vrijkwam, viel ik weer terug in het gebruik. De afstand tussen mijzelf en de realiteit was enorm.’

Piet voelt zich door de cultuur in de gevangenis steeds verder bij zichzelf vandaan staan. ‘Terwijl ik eigenlijk nog niet eens wist wie ik was. De sfeer in de gevangenis was hard: er heerste een egocentrische en agressieve sfeer.’ Via de geestelijk verzorger komt Piet in contact met de vertegenwoordigers van het 12-stappenplan. ‘Zij deelden waar ik al jarenlang in zat. Ik vond herkenning in de verhalen die ze vertelden van en over anderen, maar ze droegen ook oplossingen aan. Ik kwam na detentie via de ‘man van de boodschap’ in een safehouse terecht. Daar voelde ik mij onderdeel van een community. De sfeer was er zacht; bijna te zacht om waar te zijn, na die jaren in de gevangenis. Er zaten mensen met dezelfde problemen. We deelden oplossingen met elkaar. Dat zorgde voor bevestiging, herkenning en uiteindelijk ook verbinding.’

Delen is helen

‘Terugkijkend had ik geen enkele fundering waar ik op kon bouwen. Ik kon in mijn jeugd niet zijn of ontdekken wie ik was. ik werd niet emotioneel ondersteund, niet spiritueel ondersteund, ik begreep het niet. Ik heb me heel erg eenzaam gevoeld. Maar nu ben ik in staat om oprecht naar mezelf te kijken. Als ik twijfel kan ik het daar met anderen over hebben. Spiegelen. De ruimte tussen mijn gedachte, gevoel en gedrag is veel groter geworden.’

Piet heeft fijne collega’s en goede vrienden bij wie hij terechtkan met twijfels en vragen. ‘Ja, mijn gebruik en detentie hebben invloed op de relaties nu. Ik vind het ongelooflijk moeilijk om relaties aan te gaan. Het is een kwestie van geven en nemen; daar ben ik nog lerende in. Maar het 12-stappenprogramma om van mijn gebruik af te komen en de behandeling die ik nu krijg voor mijn hechtingsproblemen, maken het voor mij mogelijk om te laten zien wie ik ‘ben’. Ik voel me niet meer eenzaam. Ik kan mijn verhalen met mensen delen en zelfs de relatie met mijn ouders is langzaam weer in herstel.’

Piet biedt vanuit Ikigai Counseling professionele en herstelgerichte counseling aan mensen die te maken hebben met verslaving, detentie en een psychische kwetsbaarheid.

Reacties

Jouw e-mailadres blijft voor anderen onzichtbaar.
Abonneer
Laat het weten als er
guest
2 Reacties
Oudste
Nieuwste Meest gestemd
Inline feedbacks
Bekijk alle reacties
Linda

Sterke persoonlijkheid. Knokken, niet opgeven. Spiegelen, 1 vd moeilijkste dingen die je kan doen. En nu helpt hij anderen. Alles valt op z’n plek.

Janneke

Bedankt voor je verhaal. Heel mooi om te lezen! Als je van zo ver komt en dan toch de draad weet op te pakken kan je anderen daarmee enorm inspireren. Succes met alles!

Deel dit artikel via:

Share on facebook
Facebook
Share on twitter
Twitter
Share on linkedin
LinkedIn
Share on email
Email
Share on whatsapp
WhatsApp